EN 12464-1

Norm EN 12464-1 in het kort

Sinds 2003 hebben de EU-landen een gemeenschappelijke norm voor de lichtplanning van werkplekken. In januari 2022 verschijnt een nieuwe Europese editie, waarvan we de inhoud hieronder hebben samengevat.

Net als eerst omvat de norm de eisen aan de verlichting van de werkruimte, beeldschermen en de directe omgeving. Op basis van nieuwe kennis over omgevingslicht zijn er nu ook eisen toegevoegd voor de verlichting aan plafonds, wanden en voor cilindrische verlichting. Fijn is dat deze vereisten voor de "lichtheid van een ruimte" nu in tabelvorm worden weergegeven en meer gedifferentieerd zijn. Er wordt meer rekening gehouden met de behoeften van de gebruiker en in sommige gevallen hoger en beter aangepast aan de vereisten inzake verlichtingssterkte voor individuele taken en soorten lokalen. De minimumvereisten gelden onder normale visuele omstandigheden. Echter, er wordt nu ook een hogere aangepaste vereiste aangegeven, mochten andere omstandigheden voorkomen.

Andere aanbevelingen en eisen kunnen in de tabel onder "Opmerkingen" worden uiteengezet. Bijvoorbeeld, de verlichting in klaslokalen, kantoren en aula's kunnen worden aangepast. Wij vinden de niveaus in de norm een goede stap in de juiste richting. Echter als u volledig wilt profiteren van de positieve effecten van licht, dan is er meer licht nodig dan de norm voorschrijft. 

Verlichting van de werkruimte

In de tabel worden de eisen gespecificeerd voor de lichtsterkte voor een verscheidenheid aan taken in diverse branches, van kantoren, scholen en gezondheidszorg tot industrie. De norm vereist een lichtsterkte van 500 lx voor een normale kantoorwerkplek.

Indirect licht aan het plafond (omgevingslicht)

De norm specificeert lichtsterktes voor elke specifieke taak en type ruimte, normaal gesproken tussen 30 lx – 100 lx. Om de positieve effecten te bereiken die uit de studies van Fagerhult naar voren komen, adviseren wij een lichtsterkte van ca. 300 lx voor.

Verticaal licht bij wanden (omgevingslicht)

De norm specificeert verschillende lichtsterktes voor elke specifieke taak en type ruimte, normaal gesproken tussen 50 lx – 150 lx. Om de positieve effecten te bereiken die uit de studies van Fagerhult naar voren komen, adviseren wij een lichtsterkte van ca. 250-300 lx voor.

Cilindrische lichtsterkte (in ruimtes waar een goede visuele communicatie vereist is)

De cilindrische lichtsterkte is vooral van invloed op de visuele communicatie en de mogelijkheid om gezichten, gebeurtenissen en voorwerpen te kunnen interpreteren. De norm specificeert normaal gesproken een cilindrische lichtsterkte tussen 50 - 150 lx, afhankelijk van het type werkzaamheden en de ruimte.