fagerhult_MarieUllnert.jpg

Kan de juiste verlichting de verpleegduur verkorten?

Dat is één van de vragen die we proberen te beantwoorden in een studie in het Södra Älvsborgs ziekenhuis van Borås. Variaties in de kleur en intensiteit van het licht moeten patiënten op de intensive care helpen om hun circadiaanse ritme terug te vinden.

Een patiënt op de intensive care krijgt vaak te maken met een verstoord dag- en nachtritme, door zware medicijnen of narcose. Met behulp van de verlichting hoopt het onderzoeksteam de patiënten te helpen sneller een goed evenwicht tussen slapen en wakker zijn te vinden. De studie duurt vier jaar en wordt uitgevoerd onder leiding van Berit Lindahl, lector aan het Instituut voor Verpleegkunde van de Hogeschool van Borås:

Een ruimte met indirect licht

”We hebben een testruimte op de intensive care van het ziekenhuis ingericht. Een rustige omgeving met indirect licht dat qua kleurtemperatuur en intensiteit op het daglicht lijkt. Op die manier hopen we de patiënten te kunnen helpen hun dag- en nachtritme te behouden.

Bovendien hopen we dat er mede dankzij deze ’circadiaanse verlichtingsoplossing’ minder vaak delirium (ernstige verwardheid) optreedt en dat het gebruik van pijnstillers kan worden beperkt. En dat deze bijdraagt aan het verkorten van de verpleegduur.

De verlichtingsoplossing houdt in dat het personeel enige concessies heeft moeten doen ten aanzien van de verlichtingsniveaus ’s nachts. We gebruiken lagere verlichtingsniveaus dan normaal om de cortisolproductie niet te stimuleren, uiteraard zonder de veiligheid van de patiënten in gevaar te brengen”, aldus Berit Lindahl.

 

Deze aanpak zal patiënten hopelijk helpen hun circadiaanse ritme te behouden.

Berit Lindahl, Universiteitslector aan het Instituut voor Verpleegkunde van de Hogeschool van Borås.

 

Daglicht nabootsen

Fagerhult heeft met haar verlichting en kennis een bijdrage geleverd via Tommy Govén, hoofd research bij Fagerhult, in samenwerking met Torbjörn Laike van de Universiteit van Lund.

”De verlichting bootst het daglicht na. ’s Morgens krijgt de testruimte een intenser en koeler licht, waarna dit in de loop van de ochtend enigszins wordt gedempt. Tussen 11 en 13 uur wordt de verlichting gedimd naar een warmere kleurtemperatuur en lager lichtniveau. De intensiteit en kleurtemperatuur van het licht worden vervolgens tegen de avond geleidelijk aan verminderd, wat de patiënt voorbereidt op de nacht”, vertelt Tommy Govén.

Instelbare kleurtemperatuur

De armaturen zijn voorzien van ’tunable white’, wat inhoudt dat de temperatuur kan worden ingesteld van 2700 tot 6500 kelvin, van koud naar warm licht. De intensiteit kan ook worden geregeld van 0 tot 1000 lux.

Licht in de omgeving

Er is veel omgevingslicht, dat wil zeggen een combinatie van verlichting op wanden en plafond. De achterliggende gedachte is het lichaam op gang te helpen met de productie van het stresshormoon cortisol. De productie van melatonine, die onze slaap regelt, is lastiger te beïnvloeden. Daarom is het van belang om hoge en stressvolle lichtniveaus ’s nachts zoveel mogelijk te vermijden.”

 

 

Toepassingen