Analoge 1–10 V gelijkspanningssturing (EN 60929)

Analoge sturing met 1–10 V is een van de eerste EN-normen die voor lichtregeling is opgesteld. EN 60929 beschrijft regeling van 10 V tot 1 V en het feit dat uitdoen van de lichtbron via de netspanning plaatsvindt d.m.v. een standaard schakelaarfunctie.  

De HF-voorschakelapparatuur registreert de spanning in het stuurcircuit. Hoe lager de spanning, des te lager het verlichtingsniveau. Als het stuurcircuit open wordt gelaten, brandt het armatuur op volle sterkte, zoals een niet-geregeld armatuur. Als het circuit wordt doorverbonden, daalt de verlichtingssterkte naar de minimumwaarde. De minimumwaarde van de lichtstroom varieert, afhankelijk van fabricaat, type en lichtbron. Normale minimumwaarden voor rechte fluorescentielampen zijn 1–5 % en voor compact fluorescentielampen 3–10 % Controleer de geldende waarden voor het armatuur in kwestie.

Op het armatuur worden naast de fase, de nul en de massakabel ook twee kabels voor het stuurcircuit aangesloten. De stuurgeleiders kunnen in dezelfde buis of kabel liggen als de netspanning naar het armatuur. Zelfs als de spanning maximaal 10 V is, moet de isolatie van de stuurgeleiders voldoen aan de eisen voor een krachtstroominstallatie. Als het stuurcircuit wordt aangesloten, moet worden gecontroleerd of de polariteit correct is, omdat een onjuiste koppeling ertoe leidt dat de installatie in de minimumstand gaat.

Behalve de stuurgeleiders moet ook de fasegeleider worden aangesloten via de met de bedieningseenheid of potentiometer gecombineerde schakelaar, omdat de armaturen alleen met de netspanning kunnen worden ge(de)activeerd. Dit is van belang bij het plannen van de bekabeling, omdat het achteraf aanpassen van de installatie lastig kan zijn.

Bij de installatie moet echter rekening worden gehouden met het schakelvermogen van de schakelaar van de potentiometer. Zelfs als de potentiometer ongeveer 50 armaturen kan dimmen, ondersteunt de eigenlijke schakelfunctie vaak slechts 5–10 armaturen, afhankelijk van het vermogen. Voor grote belastingen moet een aparte contactgever worden aangesloten.

Voor het dimmen van een groot aantal armaturen (> 50) via een wanddimmer moet een versterker worden aangesloten tussen deze dimmer en de armaturen. Neem contact met op met ons of de fabrikant voor meer informatie over het betreffende product.

Let op:

  • Bij de keuze van het stuursysteem moet rekening worden gehouden met de compatibiliteit van het systeem en het armatuur. Armaturen conform norm EN 60929 voeden het circuit zelf, wat niet alle analoge bedieningseenheden toelaten.
  • Er gelden speciale eisen voor het samenvoegen van de stuurgeleiders in dozen met andere krachtstroomkabels.
  • De polariteit van het stuurcircuit vraagt om precisie. De regeling werkt niet juist bij een onjuiste polariteit van een van de armaturen in de groep.

Toepassingen